‘Geniet maar van de Otten Cup, zoiets hebben wij nu niet meer’
Door Monique Geerlings
De Otten Cup is al sinds jaar en dag een fenomeen in het Eindhovense jeugdvoetbal. Género Zeefuik deed in 2006 en 2007 mee met het A-jeugdteam van PSV. Nieuweling Georginio Wijnaldum stond met Feyenoord in 2007 nog tegenover Zeefuik en zijn ploeggenoten in de halve finale. Tegenwoordig zitten beide jonkies bij het eerste elftal van de Eindhovenaren.

Georginio Wijnaldum tijdens de Otten Cup in 2007
Beide aanvallers kenden elkaar wel al eerder. “Van Oranje onder 17”, bevestigt Wijnaldum. “Het was wel raar om dan tijdens de Otten Cup ineens tegen elkaar te spelen, want we waren gewend om samen te spelen. Maar het was wel leuk om zo’n toernooitjes tegen elkaar te voetballen. Normaal speelt Georginio namelijk op de positie achter mij”, vult Zeefuik aan. “Dus het is leuk om nu samen in één team te spelen. Voorheen gaf je teamgenoten nog wel eens aanwijzingen over elkaar. Mijn teamgenoten wisten dan bijvoorbeeld dat hij technisch heel goed was. Gewoon een heel vervelende speler om tegen te spelen eigenlijk. Hij is namelijk heel bewegelijk en technisch en je kunt hem moeilijk op het verkeerde been zetten.” Wijnaldum reageert: “Género daarentegen was bijvoorbeeld snel, sterk en kon veel scoren. Zoiets geef je absoluut mee aan je verdedigers.”
Jeugdteams hebben dus zo hun waarde. “Jazeker, al helemaal wanneer je allerlei EK’s en WK’s speelt. Als je daarop speelt, dan ben je gewoon een van de beste van Nederland op die positie. En helemaal de beste van het land als je ook daadwerkelijk speelt”, vindt Wijnaldum. “Toch zegt het niet altijd wat. Wij hadden toevallig een goede lichting waaruit veel spelers daadwerkelijk het eerste elftal hebben gehaald”, aldus Zeefuik. “Klopt, wij waren een uitzondering dat we al op zestienjarige leeftijd in het eerste elftal debuteerden.”, beaamt Wijnaldum vervolgens.

Género Zeefuik tijdens de finale van de Otten Cup in 2006
Maar als talentvolle A-spelers mochten beide voetballers zich in 2007 melden op De Herdgang. Wijnaldum: “De Otten Cup is zeker een mooi toernooi. Er komen fantastische tegenstanders en het is ook goed voor de ontwikkeling van een speler. Ook om tegen buitenlandse clubs te spelen die met andere systemen spelen. Nederland staat bekend om goed voetbal, goede spelers en goede teams. Dat trekt ze om hier te komen spelen met hun A-jeugdteams.” Zeefuik: “Het is voor PSV wel leuk als ze dan zelf winnen natuurlijk. Heel Eindhoven komt dan ook kijken, dat is wel leuk.” Wijnaldum vult hem aan: “Vanwege al die buitenlandse clubs trekt het natuurlijk veel publiek. Het is een bekend toernooi. Maar voor mij was het toentertijd gewoon een toernooi.”
Al snel wordt duidelijk dat het voor Wijnaldum inderdaad een van de vele toernooien was. “De Otten Cup, komt dat van iemand die Otto heet af”, vraagt de middenvelder zich met een glimlach af. Zeefuik redt zijn ploeggenoot enigszins: “Het is toch al de 65e editie?” En laatstgenoemde heeft gelijk. Vanaf 1947 wordt het toernooi, vernoemd naar Philips-president Frans Otten, voor de 65e keer gehouden. “Serieus? Echt? Ik wilde tien jaar zeggen… Maar dan zat ik er toch wel echt ver naast”, reageert Wijnaldum verbaasd. Zeefuik weet wel waar hij aan heeft deelgenomen: “Ja, dat is echt al zo lang ja. En je hebt ook nog het Otten Bad dat naar hem vernoemd is bijvoorbeeld.”

In 2011 ploeggenoten bij het eerste elftal van PSV
Beide spelers zullen in ieder geval te vinden zijn op De Herdgang ten tijde van het toernooi. “Tijdens de Otten Cup wordt het wel druk hier, want dan moeten wij ook gewoon trainen. Maar ik denk dat ik wel even ga kijken, ook al hebben we dan de eerste wedstrijd. Het is toch dichtbij”, vertelt Zeefuik. Samen met Wijnaldum waarschijnlijk. “Ik hou er wel van om naar de jeugd te gaan kijken. Ik ga ook wel eens naar de Nederlandse jeugdelftallen kijken bijvoorbeeld. Zo zie je weer welke spelers goed zijn en door zullen stromen.” Zeefuik heeft nog een advies voor de huidige deelnemers van de Otten Cup. “We kunnen alleen maar zeggen dat ze plezier in het voetbal moeten hebben.” Wijnaldum vult aan: “Ze moeten ook genieten van het toernooi. Zodra je bij het eerste elftal zit, heb je helaas niet meer zoveel van dit soort toernooien namelijk.”
Dit bericht is gepubliceerd op vrijdag 29 juli 2011 om 23:54 uur



